Vele Amsterdammers dachten in de herfst van 1983 hetzelfde. Ze zagen zijn foto in de krant en riepen uit: ‘Hè? Wimpie?’ Dat Willem Holleeder tot zoiets in staat was.

Van de andere drie gefotografeerden hadden ze het misschien voor mogelijk gehouden dat ze achter de ontvoering van Freddy Heineken zaten, maar niet van onze Willem.

Later, na zijn straf, kwam Holleeder opnieuw in de publiciteit, als vermeende bendeleider en sluwe afperser van zakenlieden.

‘s Lands meest beruchte crimineel zou weer voor vele jaren ‘voor schut gaan’, zoals ze in zijn bakermat, de Jordaan, zeiden. Maar wat ging nou precies aan zijn misdaden vooraf? Hoe kwam hij zover?

Auke Kok voerde talloze gesprekken met klasgenoten, leraren, vrienden, buren en familieleden. Dit is het verhaal van Wimpie, van de arme volkswijk de Jordaan waar goed en kwaad door elkaar liepen, van het gezin dat aan de achterkant niet zo vredig was als aan de voorkant, van de driftige, drankzuchtige vader Holleeder die voor… Heineken werkte.

Kok geeft een hele aardige inkijk in de ontwikkeling van de jonge Holleeder en het criminele klimaat van Amsterdam in de jaren zeventig. Hij blijft altijd neutraal en geeft nooit een waardeoordeel over zijn onderwerp.

Een heldere keuze, maar geeft de lezer wel bewust het idee dat Holleeder door uitsluitend externe factoren (buurt, vrienden en familie-omstandigheden) is geworden tot de persoon die hij is geworden. Het blijft allemaal een beetje kil en afstandelijk.

Het boek eindigt als de meest spraakmakende episode in Holleeders’ leven zich aandient, laten we het maar houden op een perfecte cliffhanger voor een volgend deel. Anders is het wel heel katterig.

Auke Kok is journalist, non-fictieschrijver en columnist in NRC Handelsblad. Voordat hij zich fulltime wijdde aan het schrijven van boeken was hij onder meer hoofdredacteur bij HP De Tijd en redactiechef van het NOS Radio 1 Journaal.

boekinformatie
Uitgeverij De Bezige Bij
ISBN 9789023459125
€18,90
Bestel bij bol.com